Een sterk functionerend Oeps!-centrum

Ze zat tegenover me aan een tafeltje bovenin het restaurant. Bijna vijf jaar had ik mijn oud-collega niet meer gezien en ik had me verheugd op onze ontmoeting. Hoewel ik op school werkte en zij op de leefgroep, had ik destijds een goed gevoel bij haar gehad. Op het moment dat ze me uitnodigde voor deze avond had ik dus direct ‘ja’ gezegd. Daar hoefde ik niet lang over na te denken. Hoe verder het gesprek ging, des te meer overeenkomsten we bleken te hebben. De grootste herkenning kwam op het moment dat zij vertelde dat ze een soort lopende band in haar hoofd had waarop ze een situatie uitgebreid kon bekijken door het voor- en achteruit te spoelen in haar hoofd. Zo kon ze alle aspecten goed bekijken en leren wat ze in een volgende interactie anders of beter zou kunnen doen. Ik keek haar aan en mijn mond zal een klein beetje open hebben gehangen. ‘Ik heb dat ook!’ zei ik sprakeloos. ‘Exact dat!’ Ik zie het alsof ik in een uitkijktoren woon waardoor ik naar alle kanten naar buiten kan kijken maar tegelijkertijd zie ik mezelf op 8 televisies zodat ik kan zien wat ik doe en wat ik beter had kunnen doen. Ze keek me aan en knikte. Onze voorbeelden lieten nog meer overeenkomsten zien en hoe meer we herkenden, hoe geanimeerder ons gesprek verliep. Gebroederlijk liepen we het restaurant later uit. Wat heerlijk dat je me uitnodigde vanavond, vertelde ik haar. En ik meende het. Het is een genot om mensen tegen te komen die ook een sterk functionerend ‘oeps’ centrum hebben. Al is het maar om te weten dat je allebei niet gek aan het worden bent.

Het oeps-centrum

Jezelf op een tv scherm terug kunnen kijken of een lopende band naar voren of achteren bewegen hoeft niet erg te zijn. Maar wel wanneer we deze mogelijkheid van ons brein gaan inzetten omdat er iets gebeurd was die dag waar je een gevoel van falen, (mogelijk) door de mand vallen of ‘anders zijn’ hebt ervaren. Dan kan het behoorlijk wat avonduren in beslag nemen! Heb jij er eigenlijk ooit over nagedacht hoe jouw brein ervoor zorgt dat je (sociale) pijn ervaart? Mogelijk heb je er nog nooit over nagedacht. Laat ik daar met dit blog verandering in brengen.

Laten we beginnen met ‘pijn’ in algemene zin. Als je pijn wel zou ervaren in je lichaam maar op dat moment niet beseft dat het vervelend is, dan kom je niet in actie. Dan zou je er zomaar een nachtje mee kunnen slapen. Terwijl je misschien wel een flinke doorn in je voet hebt die er direct uitgehaald moet worden. Door het gevoelselement toe te voegen aan onze pijn, zijn we in staat om actie te ondernemen. Hiermee geeft het ons de noodzaak om in beweging te komen.

De sociale afwijzing wordt in je brein geregistreerd op exact dezelfde plek als fysieke pijn, namelijk in het ACC en de insula. Hoe sterker de emotie, hoe beter we onszelf in de toekomst ook voor deze pijn kunnen behoeden. We zijn allemaal mensen en dus maken we geregeld foutjes en fouten. We vergeten onze sleutels of komen met onze vingers knel te zitten tussen de deur. We vergeten wat we eigenlijk gingen doen of flappen er te snel iets uit. Meestal leren we van dit soort situaties. We kijken de volgende keer beter uit, verzinnen een standaard plek voor het opbergen van spulletjes en denken beter na voor we iets zeggen.

Maar hoe weet je eigenlijk dat je iets fout hebt gedaan? Onderzoek in de jaren ’90 van de vorige eeuw toonde voor het eerst een specifiek gebiedje in de hersenen dat actief wordt als je doorkrijgt dat je een fout gemaakt hebt. Dit gebied ligt in het bovenste deel van de emotionele hersencentra en wordt ook wel ons ’oeps’-gebied genoemd. Het meest opvallende aan dit gebied is niet het feit dát het actief wordt wanneer je een fout gemaakt hebt en hoe goed de detectie daarmee blijkbaar is. Het meest opvallende is de snelheid waarmee het jouw fouten herkent. Na slechts 0,8 seconden hebben je hersenen namelijk al door dat je iets bent vergeten .

Ditzelfde geldt overigens ook als iemand anders een fout maakt. Jouw ‘oeps’ centrum reageert net zo snel en net zo heftig alsof je zelf de fout hebt gemaakt. Dit zou kunnen verklaren waardoor mensen ook kunnen leren door anderen te observeren. Onze hersenen zijn subliem goed in het oppikken van subtiele waarschuwingssignalen, en het ‘oeps’ gebied is daar geen uitzondering op. Zo ontdekte onderzoeker Joshua Brown bijvoorbeeld dat het gebied ook actief wordt wanneer er alleen al een kans is op het maken van fouten. Het lijkt te gaan om een soort ‘waarschuwing vooraf’. Je hersenen merken dat je wellicht in een gevaarlijke situatie bevindt, nog voordat je er bewust van bent. Misschien dat dit ook wel verklaard waarom je soms al het gevoel hebt dat er iets mis is nog voordat er werkelijk iets gebeurt.

Sociale functie
De Anterior Cingulate Cortex ofwel ACC is het gedeelte van het brein dat hierover gaat en het bestaat grofweg uit drie delen, waarvan het voorste deel verantwoordelijk is voor de affectieve functies en het middelste deel de cognitieve functies. De duidelijke sociale functie die dit hersengebied heeft wordt wellicht het meest duidelijk in de voorbeelden van mensen en dieren die hier een beschading in oplopen. Zo verzorgen reptielen zonder ACC hun jonkies niet en mensen met een beschadiging van de ACC trekken zich minder aan van de mening van anderen en kunnen zonder morele problemen over de grenzen van anderen gaan.

Door middel van dit deel van de hersenen zijn wij ons bewust van impliciet en expliciet zelfgevoel (eigenwaarde en zelfwaardering) en de bewuste beleving van emoties. Stimulerende of verdovende middelen hebben overigens een sterke invloed op de werking van de ACC. Zo is het na slechts één glaasje alcohol al minder actief terwijl het na een paar kopjes koffie juist actiever wordt. In diverse onderzoeken wordt aangetoond dat alcoholisme meer voorkomt bij hoogbegaafden. Wellicht dat hier een koppeling te vinden is met dit hersengebied. En van HSP’ers is bekend dat velen worstelen met het gevoel van ‘er mogen zijn’ en ‘zichzelf goed gevoeg vinden’.

Brain imaging onderzoek heeft aangetoond dat het ACC sterker functioneert bij mensen die een relatief groot interpersoonlijk bewustzijn hebben en dus niet alleen een sociale situatie goed kunnen beoordelen, maar ook kunnen inschatten hoe andere mensen die situatie opvatten en hoe ze dus het beste kunnen handelen. Je kunt nagaan wat dit dan voor jou betekent. Je voelt de pijn van de ander wanneer deze verstoten dreigt te worden of er niet bij hoort. Jij ervaart als sociaal-gevoelig mens deze pijn sneller, daarnaast ervaar je jouw eigen pijn ook nog eens intenser. Uit onderzoek van psychologen aan de universiteit van Delaware kwam naar voren dat niet alleen sociale mensen het erger vinden om fouten te maken. Ook mensen die perfectionistisch zijn, blijken meer aandacht te besteden aan hun gedrag en vinden het erger om fouten te maken in vergelijking met niet perfectionistische mensen.

Het ACC werkt als een soort neuraal alarmsysteem. Wanneer je sociale afwijzing ervaart, registreert dit gebied de pijn en prikkelt andere delen van de hersenen om in actie te komen. Het sociale waarschuwingssysteem was in de tijd dat we in stammen woonden noodzakelijk om te overleven. Uitsluiting zou een doodvonnis betekenen en vandaar dat prikkeling ons aanzet tot handelen om zodoende het contact weer te gaan herstellen. Deze oude noodzaak zou ook kunnen verklaren waarom vreugde en verdriet biologisch gezien zo dicht bij elkaar liggen in het oudste deel van de hersenen. De pijn van afscheid en de vreugde van ontmoeting en intimiteit delen beiden immers dezelfde wortels: contact.

Herinterpreteren

Het ACC focust je aandacht en coördineert jouw gedachten, emoties en de respons van je lichaam op je gevoelens. Doordat het zichzelf kan ‘terugzien’ vanuit verschillende perspectieven herinterpreteert het een situatie en gaat na of jouw eerste reactie wel klopt. Het bekijkt de situatie vanuit meerdere hoeken om zo meer kleur te geven aan de betekenis. In het voorbeeld waar ik mee af zal sluiten vertel ik over een situatie in mijn invalklas waarbij ik me heel bewust ben geworden van mijn eigen innerlijke gevoelens om er zo op een andere manier mee om te kunnen gaan.

‘Leroy is een bommetje. Er hoeft maar iets te gebeuren en hij ontploft’, zo had ik in zijn dossier gelezen. Wat mij echter opviel tijdens het eerste kwartier lesgeven aan deze klas, was dat Leroy een harde stem had. Zo’n stem waarvan je als docent weet; als ik deze te vaak hoor dan gaat het me zo onwijs irriteren dat ik de neiging heb om die jongen eruit te gooien. Ik besloot extra op hem te gaan letten, want ik zou nog veel vaker in deze klas moeten invallen komend schooljaar. Het was goed om te zien hoe hij zich gedroeg als hij geagiteerd was. Of misschien ontdekte ik wel wat hem triggerde.

Naast Leroy zat Lars. Een jongen die wat nors keek maar rustig was. Ik zag hem iets zeggen tegen Leroy, die zijn schouders ophaalde. En toen zag ik het gebeuren; Lars keek naar Leroy, fluisterde iets en Leroy reageerde op normale spreektoon (wat in zijn geval dus behoorlijk hard was). ‘Hoe moet ik dat nou weten man?’

Een onschuldige gebeurtenis, zo lijkt het. Na de les hield ik Leroy tegen. “Ik wil graag even met je praten” zei ik, terwijl ik terug liep naar mijn bureau. Hij volgde me en keek me vragend aan. “Fijn dat je even tijd voor me hebt”, zo begon ik. “ik wil je namelijk alvast mijn excuses aanbieden Leroy” zo ging ik verder. “ik kan er niets aan doen, ik ben een mens. Als ik voor de klas sta en mijn les wil geven dan reageer ik op degene die dat proces verstoort. Ook al is diegene niet de oorzaak. Jij hebt een harde stem. Dat is prima als je later voetbalcoach wilt worden, inspiraties hebt als marktkoopman of barkeeper. Maar in de klas is het vervelend voor mij als docent. Het zal dus heel vaak voorkomen dat ik naar je kijk, je naam noem of zelf geïrriteerd reageer. Bij deze alvast mijn excuses hiervoor. Zou jij me op deze momenten willen helpen? Zou jij met een kort knikje, het noemen van een naam of een medeleerling aanwijzen willen aangeven op wie jij – in jouw ogen- reageerde?” Leroy keek me aan, een beetje verbaasd. “Tuurlijk” zei hij, terwijl hij quasi nonchalant zijn schouders ophaalde. Toen knikte hij naar de deur. “Mag ik nu pauze houden?” Ik liet hem gaan en was benieuwd hoe hij het op zou gaan pakken.

In de weken erna probeerde ik ‘terwijl ik mijn wekelijkse lessen gaf’, zo goed mogelijk de ketting van reacties te volgen, maar toch kwam er een aantal keren een onbewuste reactie van mijn kant op het gedrag van Leroy. Tot op heden had hij me goed geholpen. Reeds een keer of vijf had hij prima aangegeven wie was begonnen. Ik merkte dat er nu ook een andere spanning zich in me ontwikkelde en ik vroeg me af of Leroy nooit zelf degene was die startte.

Die les echter leerde ik dat het vertrouwen bij de leerling leggen en samen werken aan een goed lesklimaat zijn vruchten afwerpt. Nog voordat ik ‘de’ vraag hardop gesteld had nadat hij een pen gooide naar een medeleerling, keek hij me aan en zei; ‘sorry juf, deze keer was ik het. Ik zal wel ff afkoelen op de gang, is dat goed?’ en hij liet me verbouwereerd en geraakt achter…

 

Vond je deze blog interessant?
Voor wie dit nog een uitdaging is heb ik het programma ‘Imperfect Onderweg‘ ontwikkeld. En voor wie zich wil professionaliseren tot HSP deskundige is ‘Master of Emotions‘ een aanrader! 

#Imperfect Onderweg (6)

#Imperfect Onderweg (18)